Notitie bomenbeheer

Onze visie op vastgestelde nota B&W: “Versterken en verbinden van groen in Leiden“. Hier  een link naar de originele nota. De volgende tekst is ook beschikbaar in pdf.

Leiden 22 januari 2014

Geachte leden van het College van Burgemeester en Wethouders van Leiden

De Bomenbond Rijnland is opgelucht met het verschijnen van de Nota versterken en verbinden groen. Ter aanvulling stellen we voor om de bomen een bijzondere categorie te laten zijn. We missen in het overzicht nieuwe plannen voor de toekomst van bomen.

Hoge bomen vangen veel stof
Bomen vormen de staande longen van de stad en ze vormen de eerste verticale vergroening. Hun kroonomvang is bepalend voor de zuivering van lucht en hun vermogen om water op te zuigen en kooldioxide op te slaan kent zijn weerga niet. We wijzen u erop dat ambtelijk de betekenis van bomen een kwestie van beheer is geworden met de vraag: Overlast van bomen?
Bomen een lust voor het oog” is een betere titel voor het beheer van bomen, die gemakkelijk twee mensenlevens lang meegaan. Ze groeien langdurig langzaam. Toch is de levensduur van bomen in Leiden teruggebracht in de praktijk van 50-100 jaar naar 30-50 jaar.
Er speelt kennelijk iets anders. Het beheer is veranderd naar korte termijn en er zijn commerciele belangen in het spel. Versnipperaars voor de biobrandstof moeten draaien en groenbedrijven en boomkwekers doen goede zaken. Er is een wonderlijk tekort in het bomenbeheer.

Versnippering in het bomenbeheer
Veel bomen maken een rij of singel en singels/rijen bomen maken een park of plantsoen. Nog steeds zien wij ontwerptekeningen van gebouwen waarbij grote bomen afgebeeld staan. In de praktijk blijkt dat grote bomen eerst gekapt worden en dat we het moeten doen met een compensatie met boomsprieten of met een minimale vervanging van het verwijderde groen.
De compensatie is nu nog maar 28 %. Er is geen ruimte genoeg om voldoende te compenseren en de resultaten zijn bedroevend. De nieuwe aanplant staat te dicht opeen; er is weinig deskundige verzorging en er staan te veel bomen van eenzelfde soort bij elkaar (besmettingsgevaar).
Het verlies sinds 2010 van 4500 grote bomen is nauwelijks goed te maken met de nieuwe aanplant van 1800 boompjes. Nieuw onderzoek laat zien dat grote bomen veel CO2 op kunnen slaan (Science daily, 15 januari 2014) Bovendien is het planten van bomen slachtoffer geworden van de ondeskundigheid van laaggewalificeerde medewerkers. De laatste tijd beoordelen deskundigen slechts het bomenbestand bij de voorbereiding van kapvergunningen.
Het Bomenfonds kan beter gebruikt worden voor het deskundig dichten van de gaten in de groenstructuur dan die in de begroting.

Bomen vereenzamen
Verticale aansluiting met struiken en langere kruiden is helaas van de baan. We zien enkel nog bloemperken met erbij een enkele boom of er staat een boompje in een gazon weg te kwijnen doordat er niet is gekeken naar aansluiting met een stukje bosplantsoen.
Veiligheid in de openbare ruimte is een belangrijk argument gaan worden om overal in de stad afgehakte struiken en bomen tegen te komen. Dit houdt misschien struikrovers tegen, maar geeft de indruk van een verwaarloosde groene ruimte. Onderzoek heeft uitgewezen dat een stad met verzorgd en aaneensluitend groen de openbare ruimte aantrekkelijk maakt en dat dit wonen, werken en recreatie veraangenaamt.

Hoge bomen herbergen veel vogels
Een noodzakelijk element in het groen zijn bomen en struiken. Zij zorgen ook voor de huisvesting van vogels. Het leeuwendeel van de bewoners ziet graag vogels in hun tuin of op hun balkon. Bomen vormen een orientatie voor vogels om de stadstuinen te bereiken. Een vogelsoort is de laatste tijd de gebeten hond. De meeuw is voor het leggen van haar eieren afhankelijk van platte daken. In bomen broeden zij niet. Veel nieuwe hoogbouw is voorzien van platte daken met grind erop. Grind blijft lang warm en is een soort broedstoof voor de eieren. De aanleg van daktuinen zal de overlast van meeuwen verminderen.
Daktuinen en begroeiing op flats zijn wezenlijke elementen van de verticale vergroening. We zien dit als deeloplossing voor het ruimtegebrek voor grote bomen.
Overlast van bomen is betrekkelijk gering en weegt niet op tegen de voordelen van iepen, beuken, dennen, kastanjes, notenbomen en kegeldragers (coniferen).
De voordelen van bomen zijn: schaduw, klimaatbeheersing, luchtzuivering, zuurstofproduktie, verdamping, ontspanning en stressvermindering.

Tunnelvisie
Een aspect in uw nota doet de diversiteit in het bomenrijk tekort. U scheert alle bomen over een kam, terwijl er een grote verscheidenheid bestaat. Er zijn traaggroeiers als eiken, beuken, gouden regens en andere hardhoutbomen. Er zijn snelgroeiers als wilgen, populieren, essen en esdoorns. Er zijn groenblijvers als coniferen, dennen, sparren en hulst. Er zijn vruchtbomen en notenbomen. Er zijn fijnstofzuigers als platanen, iepen, altijdgroen bomen en paardekastanjes. Bomen zijn windvangers en temperatuurregelaars. Sierbomen hoeven niet de boventoon te gaan voeren.
Er zijn bomen die nectar dragen zoals lindes, honingbomen en robinias. Grote pseudoacacia’s en echte acacia’s zijn waardbomen voor trekvogels. Van al deze kwaliteiten vinden we niets terug in uw nota. Deze kwaliteiten zijn bepalend voor de standplaats en de optimale functie.

De iep terug.
Deze soort is bijna uit het stadsbeeld verdwenen. Inmiddels zijn er iepen die resistent zijn tegen de iepziekte. De iep is een sterke boom, die bestand is tegen stedelijke onderhoud en aan het eind van haar leven een fraaie houtsoort levert voor kunstenaars en meubelmakers. We vinden de aangedragen argumenten in de nota voor versterking van groene verbindingen stad in en uit karig en pleiten voor het laten staan van volwassen bomen die ons leven grotendeels veraangenamen.

Namens de Bomenbond Rijnland,

Kees Meijer, bestuurslid

R.J. van Beek voorzitter@bomenbondrijnland.nl

Download deze  visie als  PDF

Geplaatst in Leiden en getagd met , .