Aan de leden van de commissie Leefbaarheid en Bereikbaarheid van de gemeente Leiden

 Eind augustus 2012

IS MINDER BETER?

Sinds 2008 verschijnen in de gemeentelijke mededelingen in Leiden steeds vaker berichten over een nieuwe bomenverordening, die die van 1996 moet gaan vervangen. De huidige verordening is nodig geweest nadat de Leidse bevolking in een referendum had aangegeven dat stadsbomen de moeite waard waren om te blijven staan en niet hoefden te wijken voor ondoordachte bouwplannen. De bomen en struiken in de stad konden voortaan niet zonder vergunning gekapt worden en er kwam een herplantplicht.
Argumenten voor de vervanging zijn schaars. Sinds enige tijd echter verschijnen onder het motto “Minder is beter” termen als deregulering en lastenverlichting. De administrtieve lasten moeten omlaag.
Het ambtelijk werk bestaat uit publicatie van de kapvergunning, het aanvragen ervan met situatieschets en de verlening van de vergunning. Veel werk is het niet. De opbrengsten zijn leges en storting in het Bomenfonds voor de compensatie. Het is dus geen diefstal uit eigen beurs. Onderhoud en aanplant van bomen hebben een eigen fonds. Hoe is het dan mogelijk dat er een enorme achterstand is in het onderhoud? Hoe is het dan mogelijk dat een ambtenaar toestemt in het kappen van bomen zonder kapvergunning aan de Oude Rijn, terwijl een ander zegt dat er geen geld is voor nieuwe bomengrond voor de lindebomen om de hoek op de Uiterstegracht. Waar betaalt U de firma Zelkova van die wekenlang met twee man en 6 verbrandingsmotoren bezig is om in augustus takken met bladeren, die zuurstof produceren, uit bomen te zagen? De takken leveren geen direct gevaar op. Dit in tegenstelling tot plassende honden die de conditie van de bomen verzwakken, zodat ze wel een gevaar gaan vormen. De honden lopen inmiddels het gevaar vergiftigd te worden doordat u overgegaan bent tot het gebruik van bestrijdingsmiddelen (dichloorvos en round up) in de straten van Leiden. Zijn hier minder groenonderhoudslieden beter voor mens, milieu en dier?

Er kwamen weinig bezwaren tegen kapvergunningen binnen, tenzij het ging om onnodige kaalslag of vernietiging van waardevol stadsgroen. Tegen kap van particuliere bomen in tuinen kwam weinig bezwaar binnen. Er bestaat enige weerzin als het gaat om andermans bezit.
Er bestond deskundigheid over de gezondheid en over de conditie van bomen en struiken binnen de gemeente en er was uitwisseling van meningen over groen tussen ambtenaren en burgers.

Nu is met de nieuwe bomenverordening de bijl in het Leidse bomenbestand gezet. Bomen met een diameter van 20 cm of minder verliezen hun bescherming. Hoe denken onze bestuurders dat er nog bomen kunnen opgroeien tot ze op de Groene kaart met beschermde bomen komen te staan? Waar is de digitale versie van die Groene kaart met het register? Waarom is het criterium “leefbaarheid en recreatie” ofwel schaduw en ontspanning uit de verordening verdwenen? Hoe gaat u bomen beschermen onder de term ecologie, terwijl hier juist de levensduur van de bomen centraal dient te staan in hun relatie tot bijvoorbeeld aardhommels, halsbandparkieten, spechten, merels, mieren, muizen en vleermuizen, vlinders, lieveheersbeestjes, spinnen, mineervliegen, galwespen en galmuggen, boomkruipers, boomklevers, bladluizen, wandelende takken, zweefvliegen, klimmende kinderen en lijsters.

Op uw concept Groene kaart uit 2011 ontbreken honderden bomen die in straten, aan grachten, op pleinen, rond volkstuinen, op rijksgrond van de universiteit en in tuinen staan. U vraagt om advies bij het bureau SIRA consulting, dat becijfert dat er per jaar 210 aanvragen voor een kapvergunning zijn. Het gaat hier echter om het dubbele aantal en om veel vergunningen voor meer dan 1 boom. Het hoofdargument van SIRA is een besparing voor bedrijven van duizenden euro’s per jaar. Waar is het verlies aan inkomsten in het Bomenfonds , dat zo nodig is voor o.a. het 1000 Bomenplan? Hoe kan het dat de gemeente Leiden nog voor 300.000 euro verplichtingen heeft aan de universiteit en de Gasunie? Hoe is het mogelijk dat u een beroep doet voor een half miljoen op het Bomenfonds om de gaten in uw begroting te dichten, terwijl u dit geld hard nodig hebt voor compensatie van de 1001 gekapte bomen rond uitvalswegen, op parkeerterreinen, rond volkstuinen en voor de aanleg van ontsluitingswegen.

Groepen bomen of individuele bomen staan vaak op particulier terrein . Ze zijn een noodzakelijke en waardevolle aanvulling van de boomstructuur in het openbaar gebied. (Wat bedoelt u met boomstructuur? Als de bomen niet netjes in een lijn staan vormen ze dan geen boomstructuur meer?) Ze vormen de stapsteen van de bomen in het buitengebied naar de tuinen in de stad en vice versa. De bescherming van bomen is dus belangrijk voor de bereikbaarheid van de stad voor libellen, vleermuizen en vogels. Zij zijn allen insecteneters en voorkomen plagen. Hoe gaat u voorkomen dat deze ecologisch belangrijke bomen verdwijnen, als u de nieuwe verordening aanneemt en ze niet op de Groene kaart staan?

In de nieuwe verordening handhaaft u het kapverbod voor straatbomen. Maar hoe kunt u dat waarmaken naar particulieren als u zelf vergunning verleent voor wat u om te kappen aanvraagt? U verlegt hier de zorg voor het groen naar privé-terrein. Uw zorgplicht voor bomen – BW art 6.162 – verengt zich naar er voor te zorgen dat bomen ten behoeve van veiligheid en risico-vermijding uit de openbare ruimte verdwijnen. Zijn hier het onderhoud en het voorkomen van voorzienbare schade vergeten?

Wij vragen ons af waar uw voornemen is gebleven om op plaatsen waar veel bomen van 1 soort staan, die moeten worden gekapt, nieuwe bomen te planten van verschillende soorten(o.a in de Stevenshof ). Dit voorkomt het optreden van vreemde ziektes en plagen bij bomen. Misschien zijn hierdoor eiken, iepen en kastanjes uit het Leidse straatbeeld aan het verdwijnen. In de te bespreken verordening ontbreekt overigens ook het belang en de bescherming van struiken.

Bij weigeringsgrond 7 treffen we de ”toekomstverwachting en de infrastructuur” aan. De infrastructuur is in het verdere verhaal verdwenen. Is dit omdat de infrastructuur niet die voor de bomen is?

Met deze nieuwe verordening slaat u de plank mis en plaatst u ons terug in het verleden waarin de bescherming van de bomen een aangelegenheid is voor regenten en bestuurscolleges. De dialoog over de groenstructuur van onze stad is verstomd door de invoering van de Groene kaart. Vroeger werd er tijdens de crisisbestrijding een park aangelegd. Nu verdwijnen er bomen onder het motto:
minder groen is beter voor de stad. Er valt het ergste te vrezen voor de toekomst van het nieuwe Leydse singelpark.

In de hoop u hiermee enigszins van onze grote bezorgdheid op de hoogte te hebben gebracht, blijven we wachten op uw gunstige beslissing voor de bomen.

Namens de Bomenbond Rijnland

Rolf van Beek, voorzitter
Eva van Santen, plv. secretaris

Geplaatst in Bomenverordening Leiden.